VeeKay heeft bijzondere deal met engineer: "Vertel het me niet!"
Rinus 'VeeKay van Kalmthout windt er in een exclusief interview met
RacingNews365 geen doekjes om. "Met de snelheid die we wel hadden,
viel het jaar gewoon tegen." VeeKay werd veertiende in het
kampioenschap, daar waar hij ruwweg een jaar geleden in gesprek met
ditzelfde platform inzette op P8 met twee overwinningen en nog twee
podiumplaatsen. Het goede nieuws? Dat dat niet is gelukt, laat
volop ruimte voor verbetering in 2024 en VeeKay is optimistisch
over zijn kansen: "Ik denk dat we gedurende 2023 veel progressie
hebben geboekt. Als we die lijn doortrekken, dan moeten we er in
2024 goed op kunnen staan." "Als we dan uit kunnen komen rond P10
in het kampioenschap, dan denk ik dat we vanaf die veertiende
positie een grote stap hebben gezet", zo vervolgt de Nederlander,
die ook hele specifieke targets voor ogen heeft. Die targets hebben
alles te maken met het circuit van Indianapolis en de Indy 500. "Ik
kan voor de Indy 500-poleposition gaan, dat is zeker. Daar was ik
dit jaar al heel dichtbij. Daar wil ik dus zeker voor gaan, maar
die overwinning moet ook mogelijk zijn, zeker in de Indy 500." Wat
die poleposition zo bijzonder zou maken: "Ik zit er al jaren zo
dichtbij en het is iets waar het team ook wel een bepaalde historie
mee heeft. Ik geloof dat Ed Carpenter Racing al vier keer die
poleposition pakte. Een overwinning, of dat nu in de kwalificatie
of de race zelf is, is op Indianapolis gewoon heel speciaal." Je
kan niet níet met elkaar praten Rinus VeeKay Indy vs. VeeKay Dat de
Indianapolis Motor Speedway hem goed ligt, weten we. Hij won er op
de Road Course en op de oval is hij bloedsnel, ook al ontbrak het
hem daar tot op heden aan het geluk om het ook goed af te ronden.
Maar wat maakt dat die baan hem zo goed ligt? "Het komt allemaal
heel natuurlijk op die baan. De Road Course past goed bij mijn
rijstijl, maar met de hoge snelheden van de Speedway voel ik me ook
heel comfortabel. Ik kan ook heel precies zijn en heb ook de
juiste, goede band met mijn engineers om feedback te geven en om
die limieten op te zoeken." En ja, daar komt ook een stukje lef bij
kijken: "Zeker! Tijdens de kwalificatie voor de Indy 500 ga je
steeds wat meer downforce van de auto af halen, waardoor je in
plaats van neerwaartse kracht juist lift gaat creëren. Hoe ver durf
je dan nog te gaan? Ik heb dan ook een deal met mijn engineer
waarbij ik heb aangegeven dat hij zoveel mag trimmen als hij wil om
te matchen wat anderen doen, maar dat hij dat vooral niet moet
vertellen aan mij. Want als je op voorhand al weet dat iets tricky
gaat worden, ga je marges inbouwen." "En als de mindset zo open
mogelijk kan blijven, dan vind ik vanzelf op het circuit wel uit
wat kan of niet kan", aldus VeeKay. Gevraagd waar er komend seizoen
ruimte zit voor verbetering, wijst VeeKay naar constantheid: "We
moeten op meer constante basis sneller zijn. In 2023 is het team
stil blijven staan. We reden op veel circuits dezelfde rondetijden
als in 2022, waar andere teams zich wel wisten te verbeteren." Van
'grote vier' naar 'grote vijf'? Zijn doel om op P10 te eindigen
betekent dat hij af en toe de grote teams zal moeten kietelen: "Je
hebt natuurlijk de vier grote teams (Penske, Ganassi, Arrow McLaren
en Andretti, red.). Als je daarachter als 'best of the rest'
eindigt, kom je rond P12 uit." Over die teams gesproken, wordt er
weleens met die teams gesproken? Er is over en weer immers sprake
van loyaliteit tussen Ed Carpenter Racing en VeeKay, maar wat als
resultaten uitblijven? "Als Ed Carpenter de stappen maakt die nodig
zijn om succesvol te zijn, zie ik mezelf daar nog lang rijden. Ik
ben loyaal naar Ed, omdat we het plan hebben om als vijfde team bij
de vijf beste teams te komen." "Maar aan de andere kant kan je in
IndyCar ook niet niet met elkaar praten. Alles is zo open allemaal
en iedereen kent elkaar, maar ik ben niet op die concrete manier
aan het praten over kansen voor de toekomst, al weet ik wel dat er
interesse is. Wat daarbij voor me spreekt is dat ik steeds elke
teamgenoot om de oren heb gereden, inclusief voormalig kampioen
Ryan Hunter-Reay. Dat zijn dingen die mij helpen en dat maakt ook
dat hoewel het team niet helemaal op zijn sterkst was, we af en toe
mooie dingen kunnen laten zien." En, afsluitend met het oog op
volgend jaar: "Laten we hopen dat als we elkaar dan weer spreken,
dat we dan kunnen zeggen dat ik mijn eigen voorspellingen wél heb
overtroffen."
RacingNews365 geen doekjes om. "Met de snelheid die we wel hadden,
viel het jaar gewoon tegen." VeeKay werd veertiende in het
kampioenschap, daar waar hij ruwweg een jaar geleden in gesprek met
ditzelfde platform inzette op P8 met twee overwinningen en nog twee
podiumplaatsen. Het goede nieuws? Dat dat niet is gelukt, laat
volop ruimte voor verbetering in 2024 en VeeKay is optimistisch
over zijn kansen: "Ik denk dat we gedurende 2023 veel progressie
hebben geboekt. Als we die lijn doortrekken, dan moeten we er in
2024 goed op kunnen staan." "Als we dan uit kunnen komen rond P10
in het kampioenschap, dan denk ik dat we vanaf die veertiende
positie een grote stap hebben gezet", zo vervolgt de Nederlander,
die ook hele specifieke targets voor ogen heeft. Die targets hebben
alles te maken met het circuit van Indianapolis en de Indy 500. "Ik
kan voor de Indy 500-poleposition gaan, dat is zeker. Daar was ik
dit jaar al heel dichtbij. Daar wil ik dus zeker voor gaan, maar
die overwinning moet ook mogelijk zijn, zeker in de Indy 500." Wat
die poleposition zo bijzonder zou maken: "Ik zit er al jaren zo
dichtbij en het is iets waar het team ook wel een bepaalde historie
mee heeft. Ik geloof dat Ed Carpenter Racing al vier keer die
poleposition pakte. Een overwinning, of dat nu in de kwalificatie
of de race zelf is, is op Indianapolis gewoon heel speciaal." Je
kan niet níet met elkaar praten Rinus VeeKay Indy vs. VeeKay Dat de
Indianapolis Motor Speedway hem goed ligt, weten we. Hij won er op
de Road Course en op de oval is hij bloedsnel, ook al ontbrak het
hem daar tot op heden aan het geluk om het ook goed af te ronden.
Maar wat maakt dat die baan hem zo goed ligt? "Het komt allemaal
heel natuurlijk op die baan. De Road Course past goed bij mijn
rijstijl, maar met de hoge snelheden van de Speedway voel ik me ook
heel comfortabel. Ik kan ook heel precies zijn en heb ook de
juiste, goede band met mijn engineers om feedback te geven en om
die limieten op te zoeken." En ja, daar komt ook een stukje lef bij
kijken: "Zeker! Tijdens de kwalificatie voor de Indy 500 ga je
steeds wat meer downforce van de auto af halen, waardoor je in
plaats van neerwaartse kracht juist lift gaat creëren. Hoe ver durf
je dan nog te gaan? Ik heb dan ook een deal met mijn engineer
waarbij ik heb aangegeven dat hij zoveel mag trimmen als hij wil om
te matchen wat anderen doen, maar dat hij dat vooral niet moet
vertellen aan mij. Want als je op voorhand al weet dat iets tricky
gaat worden, ga je marges inbouwen." "En als de mindset zo open
mogelijk kan blijven, dan vind ik vanzelf op het circuit wel uit
wat kan of niet kan", aldus VeeKay. Gevraagd waar er komend seizoen
ruimte zit voor verbetering, wijst VeeKay naar constantheid: "We
moeten op meer constante basis sneller zijn. In 2023 is het team
stil blijven staan. We reden op veel circuits dezelfde rondetijden
als in 2022, waar andere teams zich wel wisten te verbeteren." Van
'grote vier' naar 'grote vijf'? Zijn doel om op P10 te eindigen
betekent dat hij af en toe de grote teams zal moeten kietelen: "Je
hebt natuurlijk de vier grote teams (Penske, Ganassi, Arrow McLaren
en Andretti, red.). Als je daarachter als 'best of the rest'
eindigt, kom je rond P12 uit." Over die teams gesproken, wordt er
weleens met die teams gesproken? Er is over en weer immers sprake
van loyaliteit tussen Ed Carpenter Racing en VeeKay, maar wat als
resultaten uitblijven? "Als Ed Carpenter de stappen maakt die nodig
zijn om succesvol te zijn, zie ik mezelf daar nog lang rijden. Ik
ben loyaal naar Ed, omdat we het plan hebben om als vijfde team bij
de vijf beste teams te komen." "Maar aan de andere kant kan je in
IndyCar ook niet niet met elkaar praten. Alles is zo open allemaal
en iedereen kent elkaar, maar ik ben niet op die concrete manier
aan het praten over kansen voor de toekomst, al weet ik wel dat er
interesse is. Wat daarbij voor me spreekt is dat ik steeds elke
teamgenoot om de oren heb gereden, inclusief voormalig kampioen
Ryan Hunter-Reay. Dat zijn dingen die mij helpen en dat maakt ook
dat hoewel het team niet helemaal op zijn sterkst was, we af en toe
mooie dingen kunnen laten zien." En, afsluitend met het oog op
volgend jaar: "Laten we hopen dat als we elkaar dan weer spreken,
dat we dan kunnen zeggen dat ik mijn eigen voorspellingen wél heb
overtroffen."
