F1-schandalen: Hoe Schumacher op dubieuze wijze zijn eerste wereldtitel bemachtigde
Het Formule 1-seizoen 1994 is er een met vele gezichten. Het staat
onder meer bekend als het jaar van de vreselijke Grand Prix van San
Marino op Imola, met de tragische, dodelijke ongevallen van Roland
Ratzenberger en Ayrton Senna. Het was echter ook het jaar waar er
een zeer spannende titelstrijd ontstond tussen Michael Schumacher
en Damon Hill, die tot en met de laatste race in Adelaide werd
gevoerd. Schumacher won tot op dat moment acht GP's, met Hill die
zes keer de winnaar was. De Duitser werd echter gediskwalificeerd
op Silverstone, vanwege het feit dat hij Hill inhaalde tijdens de
formatieronde. Vervolgens loste hij zijn straf niet in en negeerde
hij de zwarte vlag. Waar hij oorspronkelijk op P2 finishte, moest
hij die positie én punten inleveren. Bovendien werd Schumacher voor
twee races geschorst. Een paar races later op Spa werd Schumacher
weer gediskwalificeerd, nu omdat zijn skid block onder zijn auto
teveel was versleten. De twee races daarna moest hij zijn eerdere
straf uitzitten. Schumacher liet eerder in het jaar al weten dat
Hill 'geen coureur van wereldformaat is' en ondertussen werden de
gevechten tussen de twee steeds feller. Het kampioenschap werd
uiteindelijk in Adelaide beslist. Schumacher leidde het
kampioenschap met 92 punten, met Hill daar slechts één puntje
achter. Nigel Mansell pakte pole voor de race, maar Schumacher én
Hill gingen de Brit al voorbij tijdens de start. De twee bleven in
elkaars spoor, waarna Hill inliep op Schumacher. De Duitser ging in
de East Terrace-bocht van de baan, raakte met beide rechterwielen
de muur, toen hij weer de baan op kwam. Hill zat door het moment
van Schumacher op zijn staart, waarna de Duitser zich klaarmaakte
voor de volgende bocht, met Hill nog dicht achter zich. De Brit
probeerde Schumi aan de binnenkant in te halen, waarna de twee
elkaar raakten. Schumacher stuurde echter aan de buitenkant in,
terwijl zijn grote concurrent dus aan de binnenkant zat en geen
enkele kant op kon. Het zorgde er gelijk voor dat Schumacher in de
muur eindigde en zodoende de finish niet haalde. Hill probeerde de
race nog voort te zetten en zocht gelijk de pitstraat op. Maar ook
de Williams-coureur kon niet verder door onherstelbare schade aan
de wishbone van de linkervoorwielophanging. Omdat de twee
concurrenten beiden niet de finish haalden, werd Schumacher
gekroond tot kampioen. Al is het wel een dubieuze titel. De Duitser
kreeg van veel mensen de schuld voor de clash. De stewards
oordeelden dat het slechts een race-incident was en ondernamen
zodoende geen actie. Hill liet zich op het moment zelf opzettelijk
niet uit over het incident, maar beschuldigde Schumacher later
expliciet van het feit dat Schumacher met opzet op hem inreed.
Patrick Head van Williams verklaart jaren later tegenover het
tijdschrift F1 Racing dat 'Williams er in 1994 al 100 procent zeker
van was dat Michael schuldig was aan onsportief gedrag', maar geen
protest indiende tegen de titel van Schumacher, omdat het team nog
steeds bezig was om de dood van Senna te verwerken. Het is en
blijft een dubieuze titel voor Schumacher, al is het zeer de vraag
of het ooit duidelijk wordt of Schumacher bewust instuurde op Hill
op 13 november 1994.
onder meer bekend als het jaar van de vreselijke Grand Prix van San
Marino op Imola, met de tragische, dodelijke ongevallen van Roland
Ratzenberger en Ayrton Senna. Het was echter ook het jaar waar er
een zeer spannende titelstrijd ontstond tussen Michael Schumacher
en Damon Hill, die tot en met de laatste race in Adelaide werd
gevoerd. Schumacher won tot op dat moment acht GP's, met Hill die
zes keer de winnaar was. De Duitser werd echter gediskwalificeerd
op Silverstone, vanwege het feit dat hij Hill inhaalde tijdens de
formatieronde. Vervolgens loste hij zijn straf niet in en negeerde
hij de zwarte vlag. Waar hij oorspronkelijk op P2 finishte, moest
hij die positie én punten inleveren. Bovendien werd Schumacher voor
twee races geschorst. Een paar races later op Spa werd Schumacher
weer gediskwalificeerd, nu omdat zijn skid block onder zijn auto
teveel was versleten. De twee races daarna moest hij zijn eerdere
straf uitzitten. Schumacher liet eerder in het jaar al weten dat
Hill 'geen coureur van wereldformaat is' en ondertussen werden de
gevechten tussen de twee steeds feller. Het kampioenschap werd
uiteindelijk in Adelaide beslist. Schumacher leidde het
kampioenschap met 92 punten, met Hill daar slechts één puntje
achter. Nigel Mansell pakte pole voor de race, maar Schumacher én
Hill gingen de Brit al voorbij tijdens de start. De twee bleven in
elkaars spoor, waarna Hill inliep op Schumacher. De Duitser ging in
de East Terrace-bocht van de baan, raakte met beide rechterwielen
de muur, toen hij weer de baan op kwam. Hill zat door het moment
van Schumacher op zijn staart, waarna de Duitser zich klaarmaakte
voor de volgende bocht, met Hill nog dicht achter zich. De Brit
probeerde Schumi aan de binnenkant in te halen, waarna de twee
elkaar raakten. Schumacher stuurde echter aan de buitenkant in,
terwijl zijn grote concurrent dus aan de binnenkant zat en geen
enkele kant op kon. Het zorgde er gelijk voor dat Schumacher in de
muur eindigde en zodoende de finish niet haalde. Hill probeerde de
race nog voort te zetten en zocht gelijk de pitstraat op. Maar ook
de Williams-coureur kon niet verder door onherstelbare schade aan
de wishbone van de linkervoorwielophanging. Omdat de twee
concurrenten beiden niet de finish haalden, werd Schumacher
gekroond tot kampioen. Al is het wel een dubieuze titel. De Duitser
kreeg van veel mensen de schuld voor de clash. De stewards
oordeelden dat het slechts een race-incident was en ondernamen
zodoende geen actie. Hill liet zich op het moment zelf opzettelijk
niet uit over het incident, maar beschuldigde Schumacher later
expliciet van het feit dat Schumacher met opzet op hem inreed.
Patrick Head van Williams verklaart jaren later tegenover het
tijdschrift F1 Racing dat 'Williams er in 1994 al 100 procent zeker
van was dat Michael schuldig was aan onsportief gedrag', maar geen
protest indiende tegen de titel van Schumacher, omdat het team nog
steeds bezig was om de dood van Senna te verwerken. Het is en
blijft een dubieuze titel voor Schumacher, al is het zeer de vraag
of het ooit duidelijk wordt of Schumacher bewust instuurde op Hill
op 13 november 1994.
