Verstappen blikt terug op harde woorden over Red Bull-toekomst: "Het was geen bluf"
Daar waar het aan het begin van het jaar op de baan allemaal op
rolletjes liep voor Max Verstappen en Red Bull Racing, was dat
zeker niet het geval als de auto's niet op het circuit waren. De
onrust rond teambaas Christian Horner en de mogelijke schorsing van
Helmut Marko hield het team en de F1-paddock bezig, al was dat niet
het geval bij Verstappen. "Als ik eenmaal in de auto zit, ben ik
alleen maar bezig met de prestaties. Gelukkig maar", aldus de
Nederlander in gesprek met De Telegraaf . In Saoedi-Arabië, toen de
mogelijke schorsing van Marko onderwerp van gesprek was, sprak
Verstappen zich wel duidelijk uit en verbond hij zijn lot min of
meer aan dat van Marko. "Ik denk dat ik wel duidelijk aangaf wat ik
ervan vond. Ik denk ook dat het belangrijk was dat ik dat toen zei.
En ik meende het ook. Het was geen bluf. En dat weten ze binnen het
team ook. Of ik in die fase twijfelde over mijn toekomst bij Red
Bull? Nou ja, het gevoel was niet helemaal 100 procent. Er was veel
gaande. Maar aan de andere kant vind ik ook niet dat je, als er
iets misgaat, direct zomaar kunt zeggen: ik vertrek. Zo zit ik niet
in elkaar." Bovendien lagen Horner en Jos Verstappen met elkaar in
de clinch, wat ook voor de nodige spanningen zorgde. De oudste
Verstappen kan het inmiddels weer wat beter vinden met de Red
Bull-teambaas, maar Jos kreeg ook kritiek, omdat hij niet in het
belang van zijn zoon zou handelen. "Maar dat is onzin. Mijn vader
ziet heel snel het grotere plaatje. En dat bepaalde dingen die
gebeuren, invloed hebben op de toekomst van mij en het team.
Sommige mensen van buitenaf zien dat misschien niet in", zo stelt
Verstappen duidelijk. "Toen het heel onrustig was rond het team,
hadden we nog de snelste auto. Gelukkig maar. Anders was het een
stuk lastiger geworden, voor iedereen. Sinds de race in Miami,
begin mei, zijn er nog maar heel weinig wedstrijden geweest waarin
ik de snelste auto heb gehad. En toch ben ik sindsdien nog
uitgelopen. Ik ben er trots op hoe we als team zijn omgegaan met de
moeilijke wedstrijden en vaak toch het maximale eruit hebben
gehaald", zo sluit de viervoudig wereldkampioen af.
rolletjes liep voor Max Verstappen en Red Bull Racing, was dat
zeker niet het geval als de auto's niet op het circuit waren. De
onrust rond teambaas Christian Horner en de mogelijke schorsing van
Helmut Marko hield het team en de F1-paddock bezig, al was dat niet
het geval bij Verstappen. "Als ik eenmaal in de auto zit, ben ik
alleen maar bezig met de prestaties. Gelukkig maar", aldus de
Nederlander in gesprek met De Telegraaf . In Saoedi-Arabië, toen de
mogelijke schorsing van Marko onderwerp van gesprek was, sprak
Verstappen zich wel duidelijk uit en verbond hij zijn lot min of
meer aan dat van Marko. "Ik denk dat ik wel duidelijk aangaf wat ik
ervan vond. Ik denk ook dat het belangrijk was dat ik dat toen zei.
En ik meende het ook. Het was geen bluf. En dat weten ze binnen het
team ook. Of ik in die fase twijfelde over mijn toekomst bij Red
Bull? Nou ja, het gevoel was niet helemaal 100 procent. Er was veel
gaande. Maar aan de andere kant vind ik ook niet dat je, als er
iets misgaat, direct zomaar kunt zeggen: ik vertrek. Zo zit ik niet
in elkaar." Bovendien lagen Horner en Jos Verstappen met elkaar in
de clinch, wat ook voor de nodige spanningen zorgde. De oudste
Verstappen kan het inmiddels weer wat beter vinden met de Red
Bull-teambaas, maar Jos kreeg ook kritiek, omdat hij niet in het
belang van zijn zoon zou handelen. "Maar dat is onzin. Mijn vader
ziet heel snel het grotere plaatje. En dat bepaalde dingen die
gebeuren, invloed hebben op de toekomst van mij en het team.
Sommige mensen van buitenaf zien dat misschien niet in", zo stelt
Verstappen duidelijk. "Toen het heel onrustig was rond het team,
hadden we nog de snelste auto. Gelukkig maar. Anders was het een
stuk lastiger geworden, voor iedereen. Sinds de race in Miami,
begin mei, zijn er nog maar heel weinig wedstrijden geweest waarin
ik de snelste auto heb gehad. En toch ben ik sindsdien nog
uitgelopen. Ik ben er trots op hoe we als team zijn omgegaan met de
moeilijke wedstrijden en vaak toch het maximale eruit hebben
gehaald", zo sluit de viervoudig wereldkampioen af.
