Gewezen topfavoriet Cadillac F1-stoeltje twijfelt: "Ik ken daar niemand"
De naam Colton Herta zingt al jaren rond in de Formule 1, maar tot
competitieve kilometers heeft dan nog niet geleid. Hij testte ooit
in een oudere auto van McLaren en werd in recente jaren in verband
gebracht met een stoeltje bij Andretti F1 (en nu dus Cadillac F1).
In 2022 wilde AlphaTauri hem inlijven, maar Herta beschikte niet
over voldoende superlicentiepunten en de FIA wilde geen
uitzondering maken voor de Amerikaan. Inmiddels zijn we tweeënhalf
jaar verder. Met de verhalen die hem linken aan Cadillac kan hij
niet zoveel, zo blijkt in gesprek met The Race als hem gevraagd
wordt of hij extra druk voelt voor het aankomende IndyCar-seizoen.
Immers, hij moet vierde worden in het kampioenschap om volgend jaar
wél genoeg licentiepunten te hebben. "Het antwoord op die vraag is
dat ik geen idee heb wat ik qua prestaties moet doen om een
superlicentie te krijgen. Als het gebeurt, gebeurt het en dat is
dan geweldig. Als ik dan nog steeds gewild ben, heb ik een
belangrijke beslissing te nemen. Als dat niet het geval is... arme
ik, dan zit ik vast aan het racen met IndyCars. Linksom of rechtsom
ben ik oké." Herta lijkt ook wat moe van steeds het vooruitzicht op
een F1-avontuur, zonder dat het ook daadwerkelijk ergens toe leidt:
"Het gaat hier nu al bijna een half decennium over. Die wortel
wordt me al een tijdje voorgehouden en daar word ik een beetje moe
van. Op dit moment wil ik gewoon rijden en me richten op IndyCar en
het winnen van het kampioenschap. Als daar iets uit voortkomt, moet
ik daar over nadenken." Over nadenken? Is een F1-zitje dan geen
abc'tje voor de coureur? "Dat is het zeker niet. Al mijn vrienden
en familie zitten hier in de Verenigde Staten. Daar waar ik naartoe
zou gaan, ken ik niemand, dus het zal een enorme beslissing worden
- als ik al voor die keuze kom te staan."
competitieve kilometers heeft dan nog niet geleid. Hij testte ooit
in een oudere auto van McLaren en werd in recente jaren in verband
gebracht met een stoeltje bij Andretti F1 (en nu dus Cadillac F1).
In 2022 wilde AlphaTauri hem inlijven, maar Herta beschikte niet
over voldoende superlicentiepunten en de FIA wilde geen
uitzondering maken voor de Amerikaan. Inmiddels zijn we tweeënhalf
jaar verder. Met de verhalen die hem linken aan Cadillac kan hij
niet zoveel, zo blijkt in gesprek met The Race als hem gevraagd
wordt of hij extra druk voelt voor het aankomende IndyCar-seizoen.
Immers, hij moet vierde worden in het kampioenschap om volgend jaar
wél genoeg licentiepunten te hebben. "Het antwoord op die vraag is
dat ik geen idee heb wat ik qua prestaties moet doen om een
superlicentie te krijgen. Als het gebeurt, gebeurt het en dat is
dan geweldig. Als ik dan nog steeds gewild ben, heb ik een
belangrijke beslissing te nemen. Als dat niet het geval is... arme
ik, dan zit ik vast aan het racen met IndyCars. Linksom of rechtsom
ben ik oké." Herta lijkt ook wat moe van steeds het vooruitzicht op
een F1-avontuur, zonder dat het ook daadwerkelijk ergens toe leidt:
"Het gaat hier nu al bijna een half decennium over. Die wortel
wordt me al een tijdje voorgehouden en daar word ik een beetje moe
van. Op dit moment wil ik gewoon rijden en me richten op IndyCar en
het winnen van het kampioenschap. Als daar iets uit voortkomt, moet
ik daar over nadenken." Over nadenken? Is een F1-zitje dan geen
abc'tje voor de coureur? "Dat is het zeker niet. Al mijn vrienden
en familie zitten hier in de Verenigde Staten. Daar waar ik naartoe
zou gaan, ken ik niemand, dus het zal een enorme beslissing worden
- als ik al voor die keuze kom te staan."
