In Memoriam: Maria Teresa de Filippis (1926-2016), de eerste vrouw in de Formule 1
Maria Teresa De Filippis werd op 11 november 1926 geboren in
Napels, Italië. Ze was de jongste van vijf dochters van graaf
Serino Francesco De Filippis en Narcisa Anselmi Balaguer Roca de
Togores y Ruco y Perpignan, een Spaanse vrouw van adel. Ze groeide
dan ook op in een groot en bekend zestiende-eeuws paleis. Al vroeg
was De Filippis geïnteresseerd in sport en deed ze aan paardrijden
en tennis. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog viel het oog
van De Filippis op de autosport. Ze hoefde daarbij niet te rekenen
op het vertrouwen van haar familie. Twee van haar broers geloofden
niet dat ze snel kon zijn op vier wielen. In 1948 nam zij die
uitdaging aan tijdens de Salerno-Cava dei Tirreni, een lokale
bergrit van 10 kilometer, waar zij met een Fiat 500 haar klasse won
en tweede werd in het algemeen klassement. Die overwinning was het
begin van een opmerkelijke carrière. In 1954 werd zij tweede in het
Italiaanse sportwagenkampioenschap, wat de aandacht trok van
Maserati. Het merk nam haar onder contract, en op 18 mei 1958
maakte zij geschiedenis door als eerste vrouw te proberen te
kwalificeren voor een Formule 1-race tijdens de Grand Prix van
Monaco. Tijd in de Formule 1 En zo begon het Formule 1-avontuur van
De Filippis. Haar eerste Grand Prix werd de GP van Monaco in 1958.
De Italiaanse klokte tijdens de kwalificatie de 22e tijd, waar
slechts de eerste zestien coureurs de race zouden mogen starten.
Een leuke bijkomstigheid tijdens dat GP-weekend was de naam Bernie
Ecclestone op de tijdenlijst. Toch zou De Filippis later dat jaar
wel haar eerste GP-start achter haar naam krijgen. Dit gebeurde
tijdens de GP van België. Ze kwalificeerde zich als negentiende op
het 14 kilometer lange en vooral levensgevaarlijke circuit van
Spa-Francorchamps. Het werd ook direct de eerste keer dat ze een
Grand Prix finishte. Op twee rondes achterstand van winnaar Tony
Brooks werd ze tiende. Later dat jaar deed De Filippis ook nog mee
aan de Grands Prix van Portugal en Italië. Beide races startte ze
achteraan. In Portugal hield haar race al na zes rondes op door een
kapotte motor. In Italië leek ze op weg naar een achtste plaats,
haar beste resultaat, totdat vlak voor het einde van de race de
motor in haar Maserati 250F opnieuw de geest gaf. De Filippis
verscheen ook in 1959 aan de start dankzij goede vriend Jean Behra,
die als constructeur een Porsche 718 RSK op de grid zette. Tijdens
de GP van Monaco eindigde de Italiaanse op de 21e plaats, niet
genoeg voor deelname aan de race. Dit zou direct haar laatste race
in de Formule 1 worden. Behra overleed, op AVUS, tijdens een
sportscar-race die voor de GP van Duitsland werd gehouden. De
Fransman was niet de eerste vriend van De Filippis die dodelijk zou
verongelukken. De Filippis was in shock toen ze het nieuws hoorde,
verliet het circuit, en maakte per direct een einde aan haar
racecarrière. Nalatenschap De Filippis verdween uit de
autosportwereld, totdat ze in 1979 toetrad tot de International
Club of Former Grand Prix Drivers. In 1997 werd ze zelfs
vicevoorzitter van de club. Een jaar voor haar dood, in 2015,
blikte ze terug op haar korte autosportcarrière. Daarin kwam haar
enorme liefde voor Maserati's opnieuw naar voren: "Er zijn veel
mensen die mij in mijn leven geïnspireerd hebben, maar er is maar
één auto die dat heeft kunnen doen. Voor mij was het rijden in een
Maserati een constante bron van genot. Ik voelde me volledig
onbevreesd als ik in die auto stapte." Ze eindigde haar verhaal met
een inspirerende quote: "Ik kijk met enige jaloezie naar de weg
voor jullie die recent geopend is. Dus neem aan van iemand die er
verstand van heeft: 'De beste kilometers liggen allemaal voor
jullie!'" Haar pionierswerk opende deuren voor toekomstige
generaties, al zou het tot 1975 duren voordat met Lella Lombardi
een tweede vrouw in de Formule 1 zou verschijnen. In totaal hebben
er vijf vrouwen gepoogd om zich te kwalificeren voor een Formule 1
Grand Prix. De Filippis blijft echter de onbetwiste eerste, een
prestatie die nooit kan worden geëvenaard.
Napels, Italië. Ze was de jongste van vijf dochters van graaf
Serino Francesco De Filippis en Narcisa Anselmi Balaguer Roca de
Togores y Ruco y Perpignan, een Spaanse vrouw van adel. Ze groeide
dan ook op in een groot en bekend zestiende-eeuws paleis. Al vroeg
was De Filippis geïnteresseerd in sport en deed ze aan paardrijden
en tennis. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog viel het oog
van De Filippis op de autosport. Ze hoefde daarbij niet te rekenen
op het vertrouwen van haar familie. Twee van haar broers geloofden
niet dat ze snel kon zijn op vier wielen. In 1948 nam zij die
uitdaging aan tijdens de Salerno-Cava dei Tirreni, een lokale
bergrit van 10 kilometer, waar zij met een Fiat 500 haar klasse won
en tweede werd in het algemeen klassement. Die overwinning was het
begin van een opmerkelijke carrière. In 1954 werd zij tweede in het
Italiaanse sportwagenkampioenschap, wat de aandacht trok van
Maserati. Het merk nam haar onder contract, en op 18 mei 1958
maakte zij geschiedenis door als eerste vrouw te proberen te
kwalificeren voor een Formule 1-race tijdens de Grand Prix van
Monaco. Tijd in de Formule 1 En zo begon het Formule 1-avontuur van
De Filippis. Haar eerste Grand Prix werd de GP van Monaco in 1958.
De Italiaanse klokte tijdens de kwalificatie de 22e tijd, waar
slechts de eerste zestien coureurs de race zouden mogen starten.
Een leuke bijkomstigheid tijdens dat GP-weekend was de naam Bernie
Ecclestone op de tijdenlijst. Toch zou De Filippis later dat jaar
wel haar eerste GP-start achter haar naam krijgen. Dit gebeurde
tijdens de GP van België. Ze kwalificeerde zich als negentiende op
het 14 kilometer lange en vooral levensgevaarlijke circuit van
Spa-Francorchamps. Het werd ook direct de eerste keer dat ze een
Grand Prix finishte. Op twee rondes achterstand van winnaar Tony
Brooks werd ze tiende. Later dat jaar deed De Filippis ook nog mee
aan de Grands Prix van Portugal en Italië. Beide races startte ze
achteraan. In Portugal hield haar race al na zes rondes op door een
kapotte motor. In Italië leek ze op weg naar een achtste plaats,
haar beste resultaat, totdat vlak voor het einde van de race de
motor in haar Maserati 250F opnieuw de geest gaf. De Filippis
verscheen ook in 1959 aan de start dankzij goede vriend Jean Behra,
die als constructeur een Porsche 718 RSK op de grid zette. Tijdens
de GP van Monaco eindigde de Italiaanse op de 21e plaats, niet
genoeg voor deelname aan de race. Dit zou direct haar laatste race
in de Formule 1 worden. Behra overleed, op AVUS, tijdens een
sportscar-race die voor de GP van Duitsland werd gehouden. De
Fransman was niet de eerste vriend van De Filippis die dodelijk zou
verongelukken. De Filippis was in shock toen ze het nieuws hoorde,
verliet het circuit, en maakte per direct een einde aan haar
racecarrière. Nalatenschap De Filippis verdween uit de
autosportwereld, totdat ze in 1979 toetrad tot de International
Club of Former Grand Prix Drivers. In 1997 werd ze zelfs
vicevoorzitter van de club. Een jaar voor haar dood, in 2015,
blikte ze terug op haar korte autosportcarrière. Daarin kwam haar
enorme liefde voor Maserati's opnieuw naar voren: "Er zijn veel
mensen die mij in mijn leven geïnspireerd hebben, maar er is maar
één auto die dat heeft kunnen doen. Voor mij was het rijden in een
Maserati een constante bron van genot. Ik voelde me volledig
onbevreesd als ik in die auto stapte." Ze eindigde haar verhaal met
een inspirerende quote: "Ik kijk met enige jaloezie naar de weg
voor jullie die recent geopend is. Dus neem aan van iemand die er
verstand van heeft: 'De beste kilometers liggen allemaal voor
jullie!'" Haar pionierswerk opende deuren voor toekomstige
generaties, al zou het tot 1975 duren voordat met Lella Lombardi
een tweede vrouw in de Formule 1 zou verschijnen. In totaal hebben
er vijf vrouwen gepoogd om zich te kwalificeren voor een Formule 1
Grand Prix. De Filippis blijft echter de onbetwiste eerste, een
prestatie die nooit kan worden geëvenaard.
