McLaren verwacht kat-en-muisspel dankzij nieuwe inhaalmodus
Het Drag Reduction System (DRS) was de afgelopen vijftien jaar hét
hulpmiddel voor coureurs om hun tegenstanders tijdens de race in te
halen. Daar is met de invoering van de nieuwe reglementen een einde
aan gekomen. In plaats daarvan zullen de coureurs vanaf 2026
beschikken over de zogenoemde overtake-mode. Daarmee komt ook een
verandering in hoe de coureurs het tegen elkaar zullen opnemen op
de baan. Net als DRS zal de overtake-mode pas beschikbaar zijn als
een coureur op een bepaald meetpunt binnen een seconde van zijn
voorligger rijdt. Maar waar DRS een verandering van de stand van de
achtervleugel was, is de overtake-mode een kortstondige boost in
vermogen vanuit de elektromotor. Voor fans zal het in het begin
vooral wennen zijn, zo verwacht Mark Temple, technisch
performance-directeur van McLaren. "Ik denk dat het meest
interessante aspect terug te zien zal zijn tijdens het inhalen,
aanvallen en verdedigen", vertelt Temple in gesprek met diverse
media, waaronder RacingNews365. Grotere uitdaging voor coureurs
Waar DRS altijd een standaard gegeven was op een circuit, met
bepaalde plekken waar je dit systeem kon gebruiken, zal er veel
meer variatie zijn in het gebruik van de overtake-mode: "Voorheen
was er DRS. Zolang je maar dicht genoeg achter je voorganger zat,
zat er niet al te veel tactiek in het gebruik ervan. In 2026 wordt
de hoeveelheid energie die je tot je beschikking hebt een veel
belangrijkere factor." Temple neemt het circuit in Bahrein als
voorbeeld, een circuit waar meerdere relatief lange rechte stukken
te vinden zijn: "Dan wordt het interessant hoeveel energie je
gebruikt bij het uitkomen van bocht 13 en hoe je de energie
verdeelt over de drie rechte stukken. Dat wordt een grote uitdaging
voor de coureurs. Zeker in het begin zal daar een steile leercurve
aan vasthangen." "Ze proberen te begrijpen hoe een concurrent
reageert op hun eigen handelen. Daar zit een soort kat-en-muisspel
in. Ik denk dat dat echt heel interessant en spannend wordt, en ik
ben benieuwd hoe zich dat zal ontwikkelen. Het is iets dat we op
dit moment niet volledig kunnen voorspellen."
hulpmiddel voor coureurs om hun tegenstanders tijdens de race in te
halen. Daar is met de invoering van de nieuwe reglementen een einde
aan gekomen. In plaats daarvan zullen de coureurs vanaf 2026
beschikken over de zogenoemde overtake-mode. Daarmee komt ook een
verandering in hoe de coureurs het tegen elkaar zullen opnemen op
de baan. Net als DRS zal de overtake-mode pas beschikbaar zijn als
een coureur op een bepaald meetpunt binnen een seconde van zijn
voorligger rijdt. Maar waar DRS een verandering van de stand van de
achtervleugel was, is de overtake-mode een kortstondige boost in
vermogen vanuit de elektromotor. Voor fans zal het in het begin
vooral wennen zijn, zo verwacht Mark Temple, technisch
performance-directeur van McLaren. "Ik denk dat het meest
interessante aspect terug te zien zal zijn tijdens het inhalen,
aanvallen en verdedigen", vertelt Temple in gesprek met diverse
media, waaronder RacingNews365. Grotere uitdaging voor coureurs
Waar DRS altijd een standaard gegeven was op een circuit, met
bepaalde plekken waar je dit systeem kon gebruiken, zal er veel
meer variatie zijn in het gebruik van de overtake-mode: "Voorheen
was er DRS. Zolang je maar dicht genoeg achter je voorganger zat,
zat er niet al te veel tactiek in het gebruik ervan. In 2026 wordt
de hoeveelheid energie die je tot je beschikking hebt een veel
belangrijkere factor." Temple neemt het circuit in Bahrein als
voorbeeld, een circuit waar meerdere relatief lange rechte stukken
te vinden zijn: "Dan wordt het interessant hoeveel energie je
gebruikt bij het uitkomen van bocht 13 en hoe je de energie
verdeelt over de drie rechte stukken. Dat wordt een grote uitdaging
voor de coureurs. Zeker in het begin zal daar een steile leercurve
aan vasthangen." "Ze proberen te begrijpen hoe een concurrent
reageert op hun eigen handelen. Daar zit een soort kat-en-muisspel
in. Ik denk dat dat echt heel interessant en spannend wordt, en ik
ben benieuwd hoe zich dat zal ontwikkelen. Het is iets dat we op
dit moment niet volledig kunnen voorspellen."
