Formule 1-nieuwkomer geeft iedereen het nakijken in Melbourne
We gaan terug naar 2008. Lewis Hamilton en Felipe Massa raakten
verwikkeld in een intense titelstrijd die in de laatste bocht van
de laatste GP (Brazilië) beslist zou worden. De legendarische
woorden 'Is that Glock?' van commentator James Allen staan nog in
menig geheugen gegrift. Achter de strijdende Ferraris en McLarens
wisten Fernando Alonso (Renault), Robert Kubica (BMW) en Sebastian
Vettel (Toro Rosso) de kruimels op te rapen. Maar waar teams
strijden om overwinningen en titels, zijn er ook teams die de
achterhoede van de grid moeten opvullen. Het noodlijdende Super
Aguri bijvoorbeeld, al verdween het volledig Japanse team al na een
aantal Grands Prix uit de Formule 1. Daarnaast was er nog een ander
Japans team, Honda, dat na sterke jaren in 2005 en 2006 ook de weg
naar achteren had ingeslagen. De renstal kwam niet verder dan een
verrassend podium van Rubens Barrichello in Groot-Brittannië en
vier puntenfinishes. De 14 punten dat het team behaalde, zorgde
ervoor dat het team op plaats negen in het
constructeurskampioenschap eindigde. Met het oog op de
reglementswijzigingen een jaar later, koos Honda er al vroeg voor
om de pijlen te richten op 2009. Toch besloot het Japanse merk om
in december 2008 alsnog de stekker uit het Formule 1-project te
trekken. Er werd gezocht naar een koper. Die werd uiteindelijk ook
gevonden... De maas in de wet Niemand minder dan Ross Brawn kocht
het team over. En dat voor het astronomische bedrag van één Britse
pond. Pas op 17 maart 2009, twee weken voor de start van het
seizoen in Australië, werd de naam Honda Racing F1 Team veranderd
naar Brawn GP, nadat Brawn eerder nog dacht om de naam Tyrrell
terug te laten keren in de sport. De faciliteiten van het oude
Honda-team werden in gebruik genomen, en Brawn GP zou gebruikmaken
van de auto die in het seizoen ervoor door Honda ontwikkeld was.
Het enige wat veranderde, was de krachtbron. Deze zou niet meer
geleverd worden door Honda, maar door Mercedes. Jenson Button en
Rubens Barrichello zouden de actieve coureurs van het team blijven.
Veel werd er niet verwacht van de op papier gloednieuwe renstal
toen de teams richting Melbourne trokken. Honda was immers een
achterhoedeteam in 2008 en een complete ommekeer leek
onwaarschijnlijk. Ferrari, McLaren en BMW waren op voorhand de
favorieten, terwijl er stiekem ook wat verwacht werd van Red Bull
en Toyota. Brawn GP werd dus niet benoemd tot de kanshebbers.
Honda had in 2008 echter gewerkt aan een bijzondere maas in de wet,
namelijk de dubbele diffuser. Waar de andere teams één diffuser
hadden, maakte Brawn GP gebruik van een extra kanaal. Met dit
tweede kanaal aan de achterkant van de auto kon de auto ook de
lucht van boven de bodemplaat naar de diffuser geleiden, waardoor
er meer downforce aan de achterkant van de auto werd gegenereerd
zonder dat er extra luchtweerstand ontstond. Het effect ervan zou
snel duidelijk worden. Vanuit het niets Ondanks dat er tijdens de
vrije trainingen weinig te zeggen valt over de snelheid voor de
rest van het weekend, leek er toch een ongekende verrassing in de
maak te zijn op vrijdag. Dat was overigens niet Brawn GP, maar
Williams. Nico Rosberg was namelijk de snelste coureur tijdens alle
drie de vrije trainingen. De Formule 1-wereld leek zich dan ook op
te maken voor een sensationeel kwalificatieresultaat, met een
herboren Williams op de bovenste posities. Maar tijdens de
kwalificatie kwam er opnieuw een daverende verrassing uit de hoge
hoed. Barrichello, die tijdens de vrije training ook al in de top
vijf te vinden was, klokte ineens de snelste tijd, met Button op
P2. Een nog grotere verrassing was het enorme gat met de rest van
het veld. Mark Webber was vier tienden langzamer dan Barrichello,
Massa en Rosberg gaven zelfs acht tienden toe. Dat bleek geen
toevalstreffer te zijn, want ook in Q2 waren Barrichello en Button
de snelste twee coureurs. De poleposition zou echter pas uitgedeeld
worden in Q3. Maar ook tijdens de derde kwalificatiesessie was
Brawn heer en meester. Button pakte pole met een 1:26.202; de
eerste niet-Brawn, Vettel, reed een 1:26.830. Barrichello kwam
tijdens de start direct in de problemen. De auto sloeg bijna af,
waardoor hij terugviel naar P9. De Braziliaan kwam daarbij goed
weg, want hij werd geraakt, maakte daardoor contact met Webber,
maar kon zijn weg zonder al te veel schade vervolgen. Button hield
de leiding en reed al snel weg bij de rest van het veld. De race
kende een aantal incidenten en daarmee ook safety cars. Button
bleef echter rustig, zijn leidende positie kwam nooit echt in
gevaar, en zo stevende hij af op zijn tweede GP-zege van zijn
carrière. Barrichello klom door de chaos op naar de tweede plaats,
waardoor Brawn GP debuteerde met een 1-2’tje. Button was uitzinnig
en zag de overwinning als loon na werken van het hele team. Wat
Button op dat moment nog niet wist, is dat hij zes van de eerste
zeven races van het seizoen zou winnen en daarmee de basis zou
leggen voor zijn uiteindelijke wereldtitel.
verwikkeld in een intense titelstrijd die in de laatste bocht van
de laatste GP (Brazilië) beslist zou worden. De legendarische
woorden 'Is that Glock?' van commentator James Allen staan nog in
menig geheugen gegrift. Achter de strijdende Ferraris en McLarens
wisten Fernando Alonso (Renault), Robert Kubica (BMW) en Sebastian
Vettel (Toro Rosso) de kruimels op te rapen. Maar waar teams
strijden om overwinningen en titels, zijn er ook teams die de
achterhoede van de grid moeten opvullen. Het noodlijdende Super
Aguri bijvoorbeeld, al verdween het volledig Japanse team al na een
aantal Grands Prix uit de Formule 1. Daarnaast was er nog een ander
Japans team, Honda, dat na sterke jaren in 2005 en 2006 ook de weg
naar achteren had ingeslagen. De renstal kwam niet verder dan een
verrassend podium van Rubens Barrichello in Groot-Brittannië en
vier puntenfinishes. De 14 punten dat het team behaalde, zorgde
ervoor dat het team op plaats negen in het
constructeurskampioenschap eindigde. Met het oog op de
reglementswijzigingen een jaar later, koos Honda er al vroeg voor
om de pijlen te richten op 2009. Toch besloot het Japanse merk om
in december 2008 alsnog de stekker uit het Formule 1-project te
trekken. Er werd gezocht naar een koper. Die werd uiteindelijk ook
gevonden... De maas in de wet Niemand minder dan Ross Brawn kocht
het team over. En dat voor het astronomische bedrag van één Britse
pond. Pas op 17 maart 2009, twee weken voor de start van het
seizoen in Australië, werd de naam Honda Racing F1 Team veranderd
naar Brawn GP, nadat Brawn eerder nog dacht om de naam Tyrrell
terug te laten keren in de sport. De faciliteiten van het oude
Honda-team werden in gebruik genomen, en Brawn GP zou gebruikmaken
van de auto die in het seizoen ervoor door Honda ontwikkeld was.
Het enige wat veranderde, was de krachtbron. Deze zou niet meer
geleverd worden door Honda, maar door Mercedes. Jenson Button en
Rubens Barrichello zouden de actieve coureurs van het team blijven.
Veel werd er niet verwacht van de op papier gloednieuwe renstal
toen de teams richting Melbourne trokken. Honda was immers een
achterhoedeteam in 2008 en een complete ommekeer leek
onwaarschijnlijk. Ferrari, McLaren en BMW waren op voorhand de
favorieten, terwijl er stiekem ook wat verwacht werd van Red Bull
en Toyota. Brawn GP werd dus niet benoemd tot de kanshebbers.
Honda had in 2008 echter gewerkt aan een bijzondere maas in de wet,
namelijk de dubbele diffuser. Waar de andere teams één diffuser
hadden, maakte Brawn GP gebruik van een extra kanaal. Met dit
tweede kanaal aan de achterkant van de auto kon de auto ook de
lucht van boven de bodemplaat naar de diffuser geleiden, waardoor
er meer downforce aan de achterkant van de auto werd gegenereerd
zonder dat er extra luchtweerstand ontstond. Het effect ervan zou
snel duidelijk worden. Vanuit het niets Ondanks dat er tijdens de
vrije trainingen weinig te zeggen valt over de snelheid voor de
rest van het weekend, leek er toch een ongekende verrassing in de
maak te zijn op vrijdag. Dat was overigens niet Brawn GP, maar
Williams. Nico Rosberg was namelijk de snelste coureur tijdens alle
drie de vrije trainingen. De Formule 1-wereld leek zich dan ook op
te maken voor een sensationeel kwalificatieresultaat, met een
herboren Williams op de bovenste posities. Maar tijdens de
kwalificatie kwam er opnieuw een daverende verrassing uit de hoge
hoed. Barrichello, die tijdens de vrije training ook al in de top
vijf te vinden was, klokte ineens de snelste tijd, met Button op
P2. Een nog grotere verrassing was het enorme gat met de rest van
het veld. Mark Webber was vier tienden langzamer dan Barrichello,
Massa en Rosberg gaven zelfs acht tienden toe. Dat bleek geen
toevalstreffer te zijn, want ook in Q2 waren Barrichello en Button
de snelste twee coureurs. De poleposition zou echter pas uitgedeeld
worden in Q3. Maar ook tijdens de derde kwalificatiesessie was
Brawn heer en meester. Button pakte pole met een 1:26.202; de
eerste niet-Brawn, Vettel, reed een 1:26.830. Barrichello kwam
tijdens de start direct in de problemen. De auto sloeg bijna af,
waardoor hij terugviel naar P9. De Braziliaan kwam daarbij goed
weg, want hij werd geraakt, maakte daardoor contact met Webber,
maar kon zijn weg zonder al te veel schade vervolgen. Button hield
de leiding en reed al snel weg bij de rest van het veld. De race
kende een aantal incidenten en daarmee ook safety cars. Button
bleef echter rustig, zijn leidende positie kwam nooit echt in
gevaar, en zo stevende hij af op zijn tweede GP-zege van zijn
carrière. Barrichello klom door de chaos op naar de tweede plaats,
waardoor Brawn GP debuteerde met een 1-2’tje. Button was uitzinnig
en zag de overwinning als loon na werken van het hele team. Wat
Button op dat moment nog niet wist, is dat hij zes van de eerste
zeven races van het seizoen zou winnen en daarmee de basis zou
leggen voor zijn uiteindelijke wereldtitel.

