FIA voert updates door aan controversiële F1-richtlijnen
Afgelopen seizoen was het meerdere keren het onderwerp van gesprek:
de nogal stugge manier waarop race-incidenten werden beoordeeld.
Het bekendste voorbeeld was de botsing tussen Carlos Sainz en Liam
Lawson tijdens de GP van Nederland. Lawson had op papier recht op
de racelijn, nam dit recht, maar kwam in contact met Sainz, die aan
de buitenkant van de Tarzanbocht meereed. Ook het incident tussen
Oscar Piastri, Kimi Antonelli en Charles Leclerc tijdens de GP van
Brazilië zorgde voor discussie. De drie heren gingen samen bocht 1
in. Piastri, die aan de binnenkant zat, werd afgeknepen, moest
harder remmen dan mogelijk was, blokkeerde daardoor zijn wielen en
raakte Antonelli, die op zijn beurt Leclerc uit de race tikte.
Piastri kreeg een tijdstraf van tien seconden en twee strafpunten
op zijn licentie, een straf die door meerdere coureurs als erg
streng werd beschouwd. De richtlijnen gaven aan dat Lawson recht
had op de racelijn, en dus kreeg Sainz een tijdstraf en strafpunten
op zijn licentie. En dat terwijl de Spanjaard zichzelf natuurlijk
niet kon laten verdwijnen. Het werd voer voor discussie, en de
coureurs waren over het algemeen van mening dat er iets moest
veranderen. Die roep lijkt nu effect te hebben gehad, want de FIA
past de richtlijnen aan en maakt ze een stuk flexibeler. Daarnaast
valt op dat de wedstrijdleiding niet meer te pas en te onpas
strafpunten zal uitdelen voor kleinere vergrijpen waarbij opzet
niet in het spel is. Dat is goed nieuws voor bijvoorbeeld Oliver
Bearman, die op dit moment twee strafpunten verwijderd is van een
schorsing. De nieuwe richtlijnen De nieuwe richtlijnen zijn
opgesteld in een vijfpuntenplan. Het eerste punt stelt dat de
wedstrijdleiding geen strafpunten op de licentie meer uitdeelt,
tenzij er sprake is van een gevaarlijk, onbesuisd of ogenschijnlijk
opzettelijk incident dat resulteert in een aanrijding of ander
onacceptabel gedrag. Hierbij kan opnieuw het voorbeeld van Sainz en
Lawson worden aangehaald. Sainz kreeg strafpunten op zijn licentie
voor de botsing. Met de nieuwe richtlijnen zullen vergelijkbare
incidenten mogelijk als race-incident worden aangemerkt, dus zonder
tijdstraf en zonder strafpunten. Het tweede punt stelt dat de
stewards meer flexibiliteit krijgen bij het hanteren van de
reglementen. In punt vier staat dat die flexibiliteit vooral zal
worden toegepast in gevallen waarbij incidenten worden veroorzaakt
door factoren buiten de schuld van een coureur, zoals het proberen
te voorkomen van een incident waardoor een ander incident ontstaat,
of een geblokkeerd wiel dat niet door de coureur zelf is
veroorzaakt (zoals bij het incident met Piastri, Antonelli en
Leclerc). Verder zal de wedstrijdleiding ook kijken naar het recht
op de racelijn. Dat recht blijft bestaan wanneer de ene coureur bij
de apex voor de ander ligt. Alleen wordt er vanaf nu rekening
gehouden met het feit dat auto's niet kunnen verdwijnen, zoals bij
het Sainz/Lawson-incident. Coureurs moeten dus rekening houden met
hun concurrenten, ook al hebben ze als het ware ‘voorrang’. Als
laatste zijn er nieuwe richtlijnen over het omgaan met gele en
blauwe vlaggen. Coureurs die bijvoorbeeld op een ronde worden
gezet, kunnen aan deze richtlijnen zien wat er van hen wordt
verwacht wanneer de blauwe vlag wordt getoond. Hiermee zou de kans
op onverwachte situaties moeten afnemen, terwijl de
wedstrijdleiding meer houvast krijgt bij het beoordelen of een
coureur een overtreding begaat. Hopelijk leiden de nieuwe
richtlijnen tot een meer consequente en humane manier van het
uitdelen van straffen.
de nogal stugge manier waarop race-incidenten werden beoordeeld.
Het bekendste voorbeeld was de botsing tussen Carlos Sainz en Liam
Lawson tijdens de GP van Nederland. Lawson had op papier recht op
de racelijn, nam dit recht, maar kwam in contact met Sainz, die aan
de buitenkant van de Tarzanbocht meereed. Ook het incident tussen
Oscar Piastri, Kimi Antonelli en Charles Leclerc tijdens de GP van
Brazilië zorgde voor discussie. De drie heren gingen samen bocht 1
in. Piastri, die aan de binnenkant zat, werd afgeknepen, moest
harder remmen dan mogelijk was, blokkeerde daardoor zijn wielen en
raakte Antonelli, die op zijn beurt Leclerc uit de race tikte.
Piastri kreeg een tijdstraf van tien seconden en twee strafpunten
op zijn licentie, een straf die door meerdere coureurs als erg
streng werd beschouwd. De richtlijnen gaven aan dat Lawson recht
had op de racelijn, en dus kreeg Sainz een tijdstraf en strafpunten
op zijn licentie. En dat terwijl de Spanjaard zichzelf natuurlijk
niet kon laten verdwijnen. Het werd voer voor discussie, en de
coureurs waren over het algemeen van mening dat er iets moest
veranderen. Die roep lijkt nu effect te hebben gehad, want de FIA
past de richtlijnen aan en maakt ze een stuk flexibeler. Daarnaast
valt op dat de wedstrijdleiding niet meer te pas en te onpas
strafpunten zal uitdelen voor kleinere vergrijpen waarbij opzet
niet in het spel is. Dat is goed nieuws voor bijvoorbeeld Oliver
Bearman, die op dit moment twee strafpunten verwijderd is van een
schorsing. De nieuwe richtlijnen De nieuwe richtlijnen zijn
opgesteld in een vijfpuntenplan. Het eerste punt stelt dat de
wedstrijdleiding geen strafpunten op de licentie meer uitdeelt,
tenzij er sprake is van een gevaarlijk, onbesuisd of ogenschijnlijk
opzettelijk incident dat resulteert in een aanrijding of ander
onacceptabel gedrag. Hierbij kan opnieuw het voorbeeld van Sainz en
Lawson worden aangehaald. Sainz kreeg strafpunten op zijn licentie
voor de botsing. Met de nieuwe richtlijnen zullen vergelijkbare
incidenten mogelijk als race-incident worden aangemerkt, dus zonder
tijdstraf en zonder strafpunten. Het tweede punt stelt dat de
stewards meer flexibiliteit krijgen bij het hanteren van de
reglementen. In punt vier staat dat die flexibiliteit vooral zal
worden toegepast in gevallen waarbij incidenten worden veroorzaakt
door factoren buiten de schuld van een coureur, zoals het proberen
te voorkomen van een incident waardoor een ander incident ontstaat,
of een geblokkeerd wiel dat niet door de coureur zelf is
veroorzaakt (zoals bij het incident met Piastri, Antonelli en
Leclerc). Verder zal de wedstrijdleiding ook kijken naar het recht
op de racelijn. Dat recht blijft bestaan wanneer de ene coureur bij
de apex voor de ander ligt. Alleen wordt er vanaf nu rekening
gehouden met het feit dat auto's niet kunnen verdwijnen, zoals bij
het Sainz/Lawson-incident. Coureurs moeten dus rekening houden met
hun concurrenten, ook al hebben ze als het ware ‘voorrang’. Als
laatste zijn er nieuwe richtlijnen over het omgaan met gele en
blauwe vlaggen. Coureurs die bijvoorbeeld op een ronde worden
gezet, kunnen aan deze richtlijnen zien wat er van hen wordt
verwacht wanneer de blauwe vlag wordt getoond. Hiermee zou de kans
op onverwachte situaties moeten afnemen, terwijl de
wedstrijdleiding meer houvast krijgt bij het beoordelen of een
coureur een overtreding begaat. Hopelijk leiden de nieuwe
richtlijnen tot een meer consequente en humane manier van het
uitdelen van straffen.
