De slechtste Formule 1-regels ooit

Het 'stoelendans'-debacle van 2016 Wie herinnert zich de start van
het seizoen 2016 nog? De FIA dacht het kwalificatiesysteem op te
leuken met een knock-outsysteem. Het idee: elke 90 seconden viel de
langzaamste coureur af. Het resultaat? Een totale farce. In plaats
van een zinderende strijd om poleposition, zaten de coureurs in Q3
doodleuk in hun auto in de garage. Waarom? Omdat ze simpelweg geen
banden meer hadden of wisten dat ze hun tijd niet konden verbeteren
voordat de klok op nul sprong.  Terwijl de fans op de tribunes naar
een leeg circuit staarden, was de strijd al beslist. Na slechts
twee races werd dit gedrocht van een regel gelukkig weer razendsnel
in de prullenbak gekieperd. De dubbele punten-loterij van Abu Dhabi
In 2014 kregen we te maken met een verfoeide, totaal onnodige
regel: dubbele punten tijdens de seizoensfinale in Abu Dhabi.
Bernie Ecclestone wilde de spanning kunstmatig hoog houden, maar
het voelde vooral als een goedkope truc. Stel je voor: je domineert
het hele jaar, maar door één klapband in de woestijn verlies je 50
punten én je wereldtitel. Gelukkig won Lewis Hamilton zowel de race
als de titel, waardoor een gigantisch schandaal werd voorkomen. De
fans maakten echter korte metten met het concept; na één jaar was
de ‘Abu Double’ geschiedenis. Banden met... groeven? Van 1998 tot
2008 reed de koningsklasse niet op de snelle slicks die we nu
kennen, maar op banden met vier groeven. Het doel? De auto’s
langzamer maken in de bochten. Het zag eruit als een straatband die
‘net niet’ af was en zorgde voor minder grip, maar de technici
wisten via bizarre aerodynamica alsnog snelheid terug te vinden.
Een esthetische mispeer in de geschiedenis van de sport. 2005: De
'een-set' regel De Formule 1 wilde in 2005 de uitslag van races
minder laten afhangen van pitstops, en besloot daarom de
‘een-set’-regel in te voeren. Teams mochten alleen bijtanken
tijdens de races, oftewel geen banden wisselen. Het vereiste
bandenmanagement zou een interessant technisch en tactisch element
aan de Grands Prix toevoegen, maar werkte juist averechts. Coureurs
werden vaak gedwongen extra langzaam te rijden om de banden te
sparen, zeker tijdens de warmere races van het jaar. En het kon ook
flink fout gaan. Zo werd Kimi Räikkönen bijvoorbeeld tijdens de GP
van Europa het slachtoffer van deze regel. Zijn banden waren
dusdanig kapot gereden dat de vibraties ervoor zorgden dat de
ophanging vanuit leidende positie begaf, met een flinke klapper tot
gevolg. De races waren sowieso bijzonder saai dat jaar. De
conservatieve aanpak van de coureurs zorgde ervoor dat er maar
weinig inhaalacties waren. Enorm saaie races dus. Het enige doel
waarin de FIA wel slaagde, was het stoppen van de dominantie van
Ferrari en Michael Schumacher. De Bridgestone-banden waren
duidelijk ondergeschikt aan die van Michelin, waardoor Ferrari een
behoorlijke duikeling in de pikorde maakte. De ‘een-set’ verdween
aan het einde van 2005. 2026: De opmars van 'Superclipping' Hoewel
de nieuwe regels de sport duurzamer maken, krabben technici zich
achter de oren. De 50/50-verdeling tussen verbranding en
elektriciteit zorgt voor een bizar nieuw fenomeen: superclipping .
De wintertests en de eerste GP maken duidelijk dat coureurs op het
rechte stuk plotseling moeten ‘liften’ omdat de batterij leeg is.
Je ziet een coureur vol gas gaan, terwijl de auto door
energieterugwinning juist afremt. Een bizarre gewaarwording
waarvoor menig coureur momenteel zijn neus flink optrekt.

Top Headlines

Oudere Top Headlines